In 2021 publiceerden wij het boek: ‘Lokale verkiezingen winnen zonder opkomstplicht’. In het eerste hoofdstuk schetsten wij wat er allemaal zal veranderen met de lokale verkiezingen in 2024. Omdat er ondertussen alweer nieuwe aanpassingen en toevoegingen zijn, vind je hier het laatste overzicht. Naast het afschaffen van de opkomstplicht komen nog heel wat andere zaken aan bod.

De nieuwe regels voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2024

In september 2019 is een nieuwe Vlaamse regering opgestart onder leiding van minister-president Jan Jambon (N-VA). Uit de onderhandelingen tussen CD&V, Open VLD en N-VA vloeide een Vlaams regeerakkoord voort. Dat akkoord bevat de krijtlijnen voor de legislatuur van 2019 tot 2024. In dit document van 303 pagina’s springt een passage over lokale en provinciale verkiezingen meteen in het oog: “Ook de politiek moet meegaan met haar tijd. Burgers krijgen meer inspraak bij lokale verkiezingen. We schaffen de opkomstplicht af, net zoals de lijststem. En we geven de burger meer invloed op de verkiezing van de burgemeester.” Dat voornemen van slechts enkele zinnen zal evenwel een grote invloed hebben op alle lokale politici in Vlaanderen, want de spelregels veranderen.

We stippen drie verschillende onderdelen aan die in dit hoofdstuk extra toegelicht worden. Een eerste beslissing is de afschaffing van de opkomstplicht. De tweede beslissing is de afschaffing van de lijststem. Een derde beslissing betreft een aantal regels die invloed hebben op de bepaling wie burgemeester mag worden. Meer dan een jaar na de voorstelling van het Vlaamse regeerakkoord zijn de eerste stappen gezet om dat voornemen te vertalen naar de praktijk. Eind juli 2020 heeft de Vlaamse regering een voorontwerp van een decreet goedgekeurd dat de regels van de lokale en provinciale verkiezingen grondig verandert. Afschaffing van de opkomstplicht zal de meest voelbare beslissing zijn op vlak van politieke marketing en campagne voeren, maar ook de andere wijzigingen springen in het oog. Hieronder lichten we ze kort toe, om daarna dieper in te gaan op de gevolgen voor lokale politici die ambitie hebben om de sjerp te veroveren in hun gemeente of stad.

Gemeenteraadsverkiezingen zonder opkomstplicht

De opkomstplicht is een wettelijke bepaling die stelt dat elke stemgerechtigde burger in België moet deelnemen aan verkiezingen. Dat betekent: zich begeven naar het stemlokaal, het stemhokje binnentreden, een stem uitbrengen (kan ook blanco zijn), het stemhokje verlaten en het stembiljet in de stembus stoppen. Kortom, elke stemgerechtigde moet op verkiezingsdag zich verplaatsen naar het stemlokaal en een stem uitbrengen. Eigenlijk is dat dus een stemplicht. Maar aangezien er stemgeheim is, zal niemand ooit weten of u een geldige of ongeldige stem uitgebracht heeft. In de praktijk is de stemplicht dus een opkomstplicht. Burgers die die plicht niet nakomen, kunnen zelfs een procesverbaal krijgen. In de praktijk worden kiezers die niet opdagen zelden tot nooit vervolgd, aldus de FOD Justitie in een artikel van Het Laatste Nieuws.

De veranderde regels zijn dus voor lokale en provinciale verkiezingen. Daar geldt vanaf 2024 een stemrecht in plaats van een stemplicht. Voor regionale, federale en Europese verkiezingen zal er nog steeds een stemplicht zijn. De opkomstplicht staat sinds 1893 in de Belgische Grondwet. Die verplichting werd destijds ingevoerd om de kiezers uit de lagere sociale klassen te beschermen tegen hun vaak rijkere werkgevers. Die zouden namelijk weleens kunnen eisen om niet te gaan stemmen om zo te voorkomen dat zij hun voordelige maatschappelijke positie verliezen.

Gezien de verbeterde arbeid-kapitaalverdeling klonk de oproep om die verplichting af te schaffen al vaak. Zo is bijvoorbeeld bij de liberale partij Open VLD die plicht al langer een doorn in het oog. De partij vindt tenslotte dat de verplichting ingaat tegen de individuele keuzevrijheid van Belgische burgers. Ook politici van andere partijen lieten zich eerder al kritisch uit over de opkomstplicht, want de meeste landen binnen de Europese Unie hanteren geen verplichte opkomst bij verkiezingen.

Geen herverdeling meer van de lijststemmen

Naast het opheffen van de opkomstplicht, zal de Vlaamse regering ook de lijststem afschaffen. De lijststem is het bolletje bovenaan een kieslijst dat de kiezer aanvinkt als die akkoord gaat met de volgorde van de kandidaten op de lijst. Het is eigenlijk de tegenhanger van een voorkeursstem die vooral de eerste namen op de lijst een voordeel oplevert. Samengevat komt het hierop neer: alle lijststemmen (verzameld via alle stembiljetten met enkel een lijststem voor een bepaalde partij) belanden samen in een “pot”. Die pot wordt vervolgens voor een derde verdeeld over de kandidaten op de lijst. De verdeling start met het geven van stemmen aan kandidaat 1 totdat hij/zij er genoeg heeft om verkozen te zijn. Daarna volgt hetzelfde proces voor kandidaat 2 en zo verder. Meestal is de “pot” leeg bij kandidaat 3.

Uit bovenstaande procedure kan worden afgeleid dat een lijststem dus een belangrijk voordeel oplevert voor de eerste drie namen op de kieslijst. Het systeem van deze zogenaamde “pot” wordt bij de lokale en provinciale verkiezingen afgeschaft. Dit wil echter niet zeggen dat de lijststem verdwijnt. U zal nog steeds bovenaan de lijst een bolletje kunnen kleuren, maar deze telt dan enkel nog als een stem voor de partij. Het betekent dus wel dat dat jouw plaats op de lijst je dus niet langer een voorsprong kan opleveren. Om een zitje in de gemeenteraad te verkrijgen, zullen alleen voorkeurstemmen nog geteld worden. Dat is een heel ingrijpende maatregel. Een slechte plaats op de lijst betekent dus niet langer dat je waarschijnlijk geen zitje in de gemeenteraad zal kunnen bemachtigen, want wie meer voorkeursstemmen haalt dan de lijsttrekker grijpt zowaar de macht.

Kiezen kiezers rechtstreeks de burgemeester?

Ten derde werd ook beslist dat vanaf 2024 de kandidaat met de meeste voorkeurstemmen in de grootste fractie van de coalitie automatisch burgemeester wordt. In de realiteit maakt dat niet vaak het verschil na verkiezingen. Het is bijna altijd de populairste kandidaat van de grootste fractie die de sjerp claimt tijdens de onderhandelingen. Die beslissing zorgt dan weer wel voor een grote verandering tijdens de legislatuur. In veel gemeentes is het vaak de officieuze gewoonte dat een stoppend burgemeester zijn sjerp tijdens de laatste jaren al overhandigt aan zijn ‘opvolger’. Op die manier kan de opvolger zich lanceren voor de aankomende verkiezingen. 

In de nieuwe regeling zal tijdens de eerste vier jaar enkel degene met de op een na meeste voorkeurstemmen gelanceerd kunnen worden. Zelf kiezen wie de burgemeester opvolgt, wordt zo een pak moeilijker. Dit kan namelijk enkel nog in de laatste 2 jaar gebeuren aan de hand van een akte van opvolging. Een andere beslissing van de Vlaamse regering die hierbij aansluit, is het initiatiefrecht. Dat recht geeft de stemmenkampioen van de grootste fractie in de gemeente of stad de tijd om gedurende twee weken na de verkiezingsdag een coalitie te proberen vormen. Na die veertien dagen gaat de fakkel over naar de op een na grootste fractie om een poging te wagen. De rode draad doorheen die beslissingen is het feit dat de macht van de partij een beetje afneemt en die van de kiezer een beetje toeneemt.

• Een goede plaats op de lijst zal enkel nog een blijk van appreciatie zijn door de partij, maar zal allerminst betekenen dat je zetel in de gemeenteraad verzekerd is;

• Wie “opvolgburgemeester” wil worden, moet stemmen halen. Een goed contact met de huidige burgemeester zal je halverwege de legislatuur niet aan de sjerp helpen;

• Zonder opkomstplicht moeten kiezers gemotiveerd worden om naar het stemlokaal te komen. De dalende trend in opkomst bij alle verschillende verkiezingen is al een voorproefje op de forse daling die zal volgen in 2024.

De beslissingen van de Vlaamse regering, op initiatief van Vlaams minister voor Binnenlands Bestuur Bart Somers (Open VLD), zijn dus heel ingrijpend voor het lokale niveau. Er zijn verschillende voorbeelden van huidige burgemeesters die niet aan de macht zouden zijn als die regels voor hen golden in het verleden. Mijmeren over het verleden of what could have been heeft nu nog weinig nut. Beter is om luidop de vraag te stellen: wat zijn de gevolgen voor de toekomst? Dat is de kern van dit boek. We bieden kort een antwoord op de uitdagingen die gepaard gaan met die nieuwe regels en we belichten alle aspecten van een moderne politieke campagne.

Bijkomende veranderingen in de toekomst

Recent werd ook een nieuwe nota opgemaakt door minister Bart Somers. Dit moet nog besproken worden in het parlement, maar de belangrijkste zaken voor je campagne zijn de volgende:

Volmachten

Bij de lokale verkiezingen in 2024 zal het systeem van volmachten “sprokkelen” verleden tijd zijn. Indien je door professionele omstandigheden in het buitenland verblijft of je kan niet gaan stemmen door ziekte, zal je wel nog steeds een volmacht kunnen geven. Het zijn de verklaringen op eer zonder verdere onderbouw, waarmee je je stem aan iemand anders kan geven, die zullen verdwijnen.

Bekendmaking stemresultaat per stembureau

Tot op heden werden bij gemeenteraadsverkiezingen enkel het totale resultaat van de partij bekend gemaakt. Dit kan je vergelijken met wanneer bij de Vlaamse verkiezingen enkel het totale resultaat van heel Vlaanderen zou bekend gemaakt worden, wat iedereen vreemd zou vinden. Vanaf de lokale en provinciale verkiezingen van 13 oktober 2024 zou het mogelijk moeten zijn om de resultaten per stembureau te kunnen bekendmaken. Dit is voor zowel politici al burgers een interessant gegeven. Deze nieuwe informatie kan gebruikt worden bij toekomstige regionale en federale verkiezingen. Doordat het resultaat per stembureau worden vrijgegeven, krijgen politieke partijen veel meer inzichten in welke buurten of wijken ze goed of juist niet goed scoren. Voornamelijk in grote gemeenten en steden is het soms onduidelijk in welke wijken er nu precies een hoge score wordt behaald.


Met de informatie per stembureau kunnen ze zich specifiek op een bepaalde wijk focussen of juist bepaalde wijken links laten liggen omdat er weinig of niks te halen valt. Daarnaast kan er ook per kandidaat gekeken worden in welke buurten of wijken hij of zij goed scoort. Dit kan interessant zijn bij de lijstvorming voor bovenlokale verkiezingen. Partijen kunnen namelijk veel nauwkeuriger gaan selecteren welke kandidaten het goed doen binnen een hele gemeenten ten opzichte van kandidaten die slechts in enkele wijken een heel hoge score halen. Dit kan vervolgens ook een positief effect op het beleid hebben. De uiteindelijk verkozen kandidaat zal kunnen zien in welke wijken mensen ontevreden zijn om hier vervolgens iets aan te doen.


Tot slot kan er dankzij de nieuwe informatie per stembureau ook veel nauwkeuriger campagne gevoerd worden op sociale media. Door bepaalde interessante wijken te selecteren kunnen partijen lokaal tot op een kilometer nauwkeurig adverteren. Om de privacy van de burgers te beschermen zal er een minimumdrempel zijn van 500 kiezers. Indien een stembureau geen 500 kiezers telt, zal deze worden samengevoegd met een ander stembureau. Voor de kiezer zal het ook een stuk boeiender worden om de verkiezingsresultaten te volgen. Men ziet nu hoe er per wijk of buurt is gestemd en zal dit aan de hand van interactieve statistieken veel overzichtelijke kunnen meevolgen op de verkiezingsdag.

Maximumuitgaven voor de verkiezingscampagne

Tijdens de sperperiode zijn er beperkende regels die partijen, lijsten en kandidaten moeten volgen in hun campagnevoering. Één van die regels is een maximum op de financiële middelen die zij mogen uitgeven aan verkiezingspropaganda. Dit maximumbedrag wordt nu berekend op basis van het aantal kiezers in de desbetreffende kieskring. Deze aantallen zijn echter pas in de tweede helft van augustus van het verkiezingsjaar beschikbaar. Dit wil zeggen dat het maximumbudget pas eind augustus bekend kan gemaakt worden. Dit terwijl de sperperiode op 1 juli begint. Het zou logischer zijn dat men de maximum budgetten voor het begin van de sperperiode kent. Daarom is er een voorstel om de berekening van het maximumbudget te baseren op een “voorlopige kiezerslijst”. Deze voorlopige kiezerslijst geeft de toestand weer op 1 mei van het verkiezingsjaar. Deze zal slechts in beperkte mate verschillen van de uiteindelijke kiezerslijst die de situatie op 1 augustus weergeeft.

Verboden of gereglementeerde propagandamiddelen

De beperkingen betreffende de wijze waarop de politieke partijen, de lijsten en de kandidaten campagne voeren wordt herbekeken. In het Lokaal en Provinciaal kiesdecreet van 8 juli 2011 heeft men het voornamelijk over beperkingen op de traditionele manieren van propaganda voeren. Deze zijn echter ver voorbijgestreefd door de technologische middelen waarover we vandaag de dag beschikken. Concreet worden volgende verboden geschrapt uit dat kiesdecreet:

  • Het verbod op het gebruiken van commerciële reclameborden of affiches.

  • Het verbod op het gebruikmaken van niet-commerciële reclameborden of affiches die groter zijn dan 4m².

  • Het verbod op het gebruikmaken van commerciële reclamespots op radio, televisie en in bioscopen.

Bij de verkiezingen van 2024 zullen politici zich niet langer moeten beperken tot 4m² bij hun verkiezingsborden. Hierdoor zullen zeker de kopman of kopvrouw een grotere campagne kunnen voeren die beter in het oog springt bij potentiële kiezers. Hierbij zal het ook toegestaan zijn om commerciële reclameborden of affiches te gebruiken, zoals borden aan rondpunten bijvoorbeeld. Daarnaast zullen politici bij de volgende lokale verkiezingen ook gebruik kunnen maken van radio, televisie en lokale cinema’s om hun boodschap te verspreiden. Dit zal echter voorbehouden blijven voor enkelingen aangezien een reclamespot al snel duizenden euro’s kost.

Achternaam van de kandidaten op het stembiljet

Voor kandidaten waarvan hun achternaam samengesteld is uit twee of meer namen, en waarvan zij er in de praktijk slechts één gebruiken, zal het mogelijk zijn om de achternaam op het stembiljet aan te passen. Dit omwille van het feit dat de samengestelde achternaam voor verwarring zou kunnen zorgen bij die kiezer. Deze nieuwe regel mag er echter niet toe leiden dat kandidaten allerlei andere wijzigingen aanbrengen aan hun naam of deze zelfs volledig wijzigen. Dit wilt dus zeggen dat je niet je naam kan aanpassen naar je bijnaam. Sommige kandidaten zijn namelijk gekender via hun bijnaam. Een zanger zal bijvoorbeeld niet zijn artiestennaam kunnen gebruiken op het stembiljet.

Wanneer zullen deze nieuwe regels met zekerheid ingaan?

Zodat alle betrokken actoren zich zo goed mogelijk op de verkiezingen kunnen voorbereiden, en evenzeer vanuit het democratisch oogpunt, zou deze verkiezingsregelgeving minstens een jaar voor de verkiezingsdag klaar moeten zijn. Dit betekent dat alles rond zou moeten zijn in september 2023. De eerst volgende tussenstappen zijn het voorleggen van een voorontwerp van het decreet in oktober 2022 aan de Vlaamse Regering voor een principiële goedkeuring. Vervolgens wordt er een ontwerp van het decreet uiterlijk begin 2023 aan het Vlaamse Parlement ter bespreking voorgelegd. We volgen verder op hoe de verkiezingsregelgeving voor 2024 er uiteindelijk zal uitzien.

Wil je nog meer informatie omtrent politieke marketing?
Klik dan op onderstaande knop voor een gratis e-book boordevol interessante inzichten!

Nog verdere vragen omtrent politieke marketing?
Aarzel dan niet om ons via onderstaande knop te contacteren!